De vermenging van Boeddhisme en Shintoïsme heeft geleid tot het onstaan van Bushido, de Weg van de Samurai. Deze Weg kan worden samengevat in zeven essentiële punten:

  1. Gi: de juiste beslissing, in gelijkmoedigheid genomen, de juiste houding, de waarheid. Als we moeten sterven, moeten we sterven.
  2. Yu: dapperheid die neigt naar heldenmoed.
  3. Jin: de universele liefde, de welwillendheid tegenover mensen.
  4. Rei: het juiste gedrag; dit is een fundamenteel punt.
  5. Makato: volledige oprechtheid.
  6. Melyo: eer en roem.
  7. Chugi: toewijding, trouw.

Dit zijn de zeven principes van de geest van Bushido. Bu: martiale kunsten. Shi: de krijger. Do: de Weg.

De Weg van de Samoerai is gebiedend en absoluut. Wat het lichaam doet via het onbewuste is fundamenteel. Daarom wordt er zeer veel waarde gehecht aan scholing in het juiste gedrag.

Bushido en Boeddhisme hebben elkaar beïnvloed. Maar het Boeddhisme heeft zijn stempel gedrukt op Bushido door vijf aspecten:

  • het kalmeren van de emoties
  • de berusting in het onvermijdelijke
  • de zelfbeheersing in iedere situatie
  • een grotere vertrouwdheid met het idee van de dood dan met dat van het leven
  • zuivere armoede

Voor de Tweede Wereldoorlog hield Kodo Sawaki, meester in Zen, lezingen voor de grootste meesters in de martiale kunsten, voor de hoogste autoriteiten op het gebied van Budo. In het Westen, waar deze martiale kunsten erg in zwang zijn, zijn ze een sport geworden, een techniek zonder de gesst van de Weg.

In zijn lezingen zei Kodo Sawaki dat Zen en de martiale kunsten hetzelfde karakter hebbenen een eenheid vormen.Zowel Zen als in de vechtkunsten is training heel belangrijk. Hoeveel tijd moet men trainen? Veel mensen hebben me gevraagd: “Hoeveel jaar moet ik zazen beoefenen?” En ik antwoord: “Tot aan de dood.” Dat antwoord vinden ze weinig bevredigend. In Europa willen de mensen snel leren, sommigen liefst in één dag. “Ik ben éénmaal geweest en ik heb het begrepen”, zeggen ze! Maar de dojo is iets anders dan de universiteit.

En ook met Budo moet men doorgaan tot aan de dood.

Uit “Zen en de Oosterse Martiale Kunsten” van T. Deshimaru

Hierboven heb ik één van de eerste hoofdstukken uit “Zen en de Oosterse Martiale Kunsten” opgenomen. In mijn visie één van de eerste en makkelijkste boeken die je moet lezen, wanneer je serieus budo wilt beoefenen. Het is een boekje van nog geen 140 bladzijden en geeft een goed inzicht in de fundamentele waarden die alle Japanse krijgskunsten verbindt. Het leest heel makkelijk, ook omdat er gewisseld wordt tussen drie verschillende manieren van vertellen: interview, beschrijving en parabel. Ik kan je dit boek zeker aanraden en sterker nog: als je jezelf als een echte budoka beschouwt, dan is dit een verplicht boek!

Matthijs van der Zanden

Comments (1)

Laat een reactie achter aan Bert Peeters Reactie annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *